Een wereldatlas met illustraties

Dit is deel 9 in de reeks ‘Het voetspoor van Indische boeken’.

Tom van den Berge (1956) is als onderzoeker verbonden aan het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde in Leiden. Hij publiceerde in 2014 de biografie H.J. van Mook 1894-1965: Een vrij en gelukkig Indonesië, en schreef eerder het levensverhaal van Karel Frederik Holle: Theeplanter in Indië 1829-1896 (1998).

 

De interesse voor Indonesië en de Indonesische geschiedenis is bij mij ‘allemaal’ begonnen met de Wereldatlas. De in rood linnen gebonden atlas was in 1951 door De Bezige Bij uitgegeven in groot formaat en had bij ons thuis een prominente plaats in de boekenkast gekregen. Mijn vader was verzot op die atlas en bezat – mede daardoor – een uitgebreide topografische kennis. Een deel van zijn kennis probeerde hij over te brengen op zijn zoon. Ik was nog wel een kleuter, maar het lukte mijn vader aardig om mij, zoals hij dat zei, ‘bitwijs’ te maken. Voordat ik naar de lagere school ging, had hij me de namen geleerd van de Nederlandse provincies met hun hoofdsteden, van de grote Europese landen met hun metropolen, van de vijf continenten en van de belangrijkste eilanden van Indonesië. Bij het leren van al die namen kwam de Wereldatlas goed van pas. Ik weet nog dat mijn vader en ik menigmaal gebogen zaten over de kaart van de archipel die over twee pagina’s van de enorme atlas verdeeld was. We gingen met onze wijsvinger eerst langzaam over Sumatra en Java om dan, als we bij het rijtje kleine Soenda-eilanden aanbeland waren, in koor te brullen: ‘Bali, Lombok, Sumbawa, Sumba, Flores, Tiii-mor!’

Behalve staatkundige en natuurkundige kaarten heeft de Wereldatlas bij de grote landen en de werelddelen ook teksten en foto’s. Voor ‘Indonesië’ is de atlas geïllustreerd met foto’s van Cas Oorthuys. Maar dat wist ik als vijfjarige nog niet. En mijn vader wist dat volgens mij ook niet. Eén foto staat mij nog steeds helder voor de geest: twee Indonesische kinderen van een jaar of zes zitten in een schoolbank en luisteren met volle aandacht naar juf of meester. Mijn vader kennende, zal hij wel tegen me gezegd hebben dat ik aan deze kinderen – de een heeft een schriftje en de ander heeft een leitje voor zich – een voorbeeld nemen moest.

Later, veel later – het zal in mijn studententijd geweest zijn – kwam ik diezelfde foto tegen in Een staat in wording. Dit boek is een foto-reportage door Cas Oorthuys met tekst van de onderwijskundige Albert de la Court. Oorthuys reisde van januari tot en met maart 1947 door Indonesië en toonde in dit boek het ‘Indonesië van heden’. Dat was het Indonesië dat twee wegen bewandelde: de weg van het woord en de weg van de wapenen. In het ‘Indonesië van heden’ was inmiddels – 25 maart 1947 – de Linggadjati-overeenkomst ondertekend. Die plechtigheid werd groots door Oorthuys in beeld gebracht. De ondertekening maakte het mogelijk dat Nederland en Indonesië, zo heet het in Een staat in wording, voortaan ‘in vriendschap en gelijkheid’ konden samenwerken. Het boek van Oorthuys en De la Court, dat een pleidooi is voor een vreedzame weg naar onafhankelijk Indonesië, werd gepubliceerd in juli 1947, dezelfde maand waarin Nederland zijn eerste militaire actie in Indonesië begon.

Of Een staat in wording een spoor heeft achtergelaten in de publieke perceptie van de koloniale geschiedenis… Ach, ik weet ’t niet. Wat ik wel weet… De foto’s die Oorthuys in Indonesië genomen heeft, hebben hun uitwerking gehad op mijn geboortestad Rotterdam. In Rotterdam – over die dynamische stad heeft Oorthuys ook een schitterend boek gepubliceerd, maar dit terzijde – werd in 1995 in wat nu het Wereldmuseum is een tentoonstelling gewijd aan foto’s die Cas Oorthuys en Charles Breijer in 1947-1949 gemaakt hadden in Indonesië. De perceptie van de koloniale geschiedenis van de directie van het museum was kennelijk een progressieve: zij erkende dat de Republiek Indonesië in 1945 onafhankelijk geworden was en zij vond dat zij dit vijftig jaar later, in 1995, met onder andere foto’s uit Een staat in wording, moest vieren.

Hebben de Wereldatlas en Een staat in wording een uitwerking op mij gehad? Ik zou het wel denken. Sinds mijn studententijd – en dat is al een tijdje geleden – heb ik mij beziggehouden met de Indonesische geschiedenis, in het bijzonder met de Indonesische Revolutie, de tijd waarin de Atlas werd bedacht en samengesteld en waarin Oorthuys in Indonesië met de Rolleiflex zijn foto’s nam.

TOM VAN DEN BERGE